
De bank
Ik zit op een bank
Aan de rand van het meer
Een lichte nevel verhult de overkant
De ochtendstilte verdooft me ..
Ik droom van jou ... ik ben wezenloos...
Uren verglijden ...
Ergens klept een klokje
Ik ontwaak... ik open mijn ogen
De zon staat prachtig in het helblauwe zwerk
Twee zwanen glijden traag en mooi
Ik wil mij rechten ... ik schrik...
Je zit naast me
Je bekijkt me...vragend ...
Indringend ... rustgevend ...
Smaragden verraden je diepeerlijke ziel
Je bent mooi, Lotje
Wondermooi
Ik hou van je ... altijd ....
Aramis
![]()