De Bokkerijders
Anno 1794 …
Geruisloos klieven klimmende schimmen
bij wassende maan hoog boven ‘t kempische
koren.
De rovers jagen op een volgende rijke winning
en mennen hun bokken bij de krullende
hoornen.
Vuurgensters spatten splinterend ten allen
kant
en bedreigen de strodaken van schuur en
boerenpacht.
De Hechtelse kerk staat nu in een laaiende
brand,
nadat zijn zilverwerk “in veiligheid” werd
gebracht.
Zwarte Hugo van de Loonsche Duynen,
leidt de gilde als een meedogenloos despoot.
De dampende resten van hun nachtelijke puinen
signeert hij satanisch met een bloedende
bokkepoot.
De zon staat laag : hemel en aarde
verkleuren.
Ze gaan op zoek naar een bed voor de nacht.
Nergens valt echter een kerkdorp te bespeuren
tot hen uit de verte een lichtend gebouw
toelacht.
Door de glasramen van de Postelse abdijkapel
schittert de gloed van een krachtig
kaarsenkoor.
Kelken en kandelaars vormen een uitdagend
kartel
in het uitgestorven schip achter de gesloten
poort …
Ze spannen hun bokken en rammen de deur.
De bende stort zich gretig op de
offerblokken.
Wijl Hugo bij het altaar de gouden buit keurt
roven zijn companen de beelden van hun
sokkel.
Kandelaars klingelen in de buidels van de
patrouille
Hun kaarsen worden driest op een hoop gegooid
waaruit ze vlamlikkend de ornamenten
schroeien
tot de verf zich krullend van de muren
opplooit.
Plots voelt de voorman een hand op zijn
hoofd,
kijkt verschrikt op en ziet een zwevende
witte vrouw.
Ze sommeert hem luid, waarbij het
geldgerinkel dooft :
“Gij ontheiligt dit huis dat voor God werd
gebouwd!”
Met de ogen vol vuur stijgt zij als een veer
en richt zich nu dreigend tot het harteloze
kaf :
“Stop deze waanzin ! Kom allen tot inkeer !
Roep de toorn des Heren niet over u af !”
De bendeleider overwint zijn eerste angst
en hoont haar weg met ruige schampere lach.
Hij beveelt zijn mannen “Verzamel de vangst”
en stoot haar weg … zij lost zich op in de
nacht.
De rovers keren huiswaarts en malen er niet
om.
Maar wanneer Hugo een dag later zijn huis
bereikt
bemerkt hij de dame in het witte kleed weerom
die wiegend in de wind bovenop zijn gevel
prijkt.
Haar stem orakelt “Nergens in uw eigen huis
noch elders zult gij ooit rust of vrede
vinden”.
Vanaf dat moment werd zijn thuis zijn kruis
… geen monnik kon de banvloek ontbinden.
De bokkerijders werden kort daarop massaal
opgeknoopt …
Aramis
Efteling
*
Villa Volta
