De deur

 

 

Je verwelkomt me.

Je kust me tot ziens.

Mijn hart bonst.

Mijn hart treurt.

 

 

Ik wacht je op.

Ik zwaai je na.

Je nadert gedreven.

Je verlaat me talmend.

 

 

We ontmoeten mekaar

We omhelzen mekaar

We verlaten mekaar

We voldoen mekaar

 

 

… in het gat van de deur ….

 

 

Aramis