De Vurige Stad

 

 

 

waar de Maas nog Meuse heet

en zich met Ardeens water mengt,

waar Albert I een kanaal afsneed

dat zich naar Antwerpen verlengt,

 

waar men al eeuwen wapens smeedt

en staal tot zware juffers walst

waar dakpan zich met schalie meet

en rots zich tot klei heeft vermalst

 

waar men suiker over wafels smelt

en pintjes met péket aanvult

waar voetbal de waalse eer herstelt

en de Doyenne zich om Bastogne krult

 

waar prins en bisschop zich verbroederden

en men het Perron vereert

maar gerecht en politiek verloederden

zodat de mafia er mee regeert

 

daar raakt de oud-latijnse cultuur

verstrengeld met zijn germaanse buur

 

Aramis