Horror in Haspengouw
Sint Truiden, Begijnhof, Middernacht
Met forse dreun en ratelslag
ontspringt een veer de cirkeldans
en drijft de wijzers overstag
langsheen Festraet’s planetenkrans.
Aan ’t firmament gaan sterren schuiven :
de Weegschaal kantelt, de Beer verschiet.
Het bot waaraan hij zat te kluiven
valt ijlings als een meteoriet.
Dwars door de Haspengouwse nacht
boort het zich als een vuurlawine
en slaat met ongetemde kracht
te pletter op Brustem’s ruïne.
De burcht wordt in de grond gemokerd
tot hij in ’t magma smelt en smoort.
Een schokgolf stuwt zich door de koker
van zijn vluchtgang naar Brustempoort.
Duizenden spinnen, ratten, muizen
ontvluchten panisch richting west
wanneer kasseien en plavuizen
opspringen bij de Naamse vest.
Bij oorverdovend zwaar gedruis
scheuren de straatriolen open ;
uit d’ondergrond spuit gas en gruis,
de Luikerstraat raakt onderlopen.
Zie hoe het plein vulkanisch barst :
een bolwerk stijgt vermetel op.
De hele stadskom kraakt en knarst
een kanteeltoren rijst ten top.
Terwijl de stadspoort zo herrijst
en schietgaten ’t grondwater spuien
schreeuwt Heer Festraet doorheen ’t gekrijs :
Een “Happy Halloween, Sint Truien !”
Aramis
