Maastricht
Onder brekend geknars en klotsend gestuif
ontsluit zich de roestige spindelschuif
Twee witte tortels, in een muurnis gevleid,
ontvluchten klapwiekend de molen naar ’t Vrijt ...
Over leischalen daken van brocanterieën,
door braderige luchten boven rotisserieën,
duikend door de nevel van de grote fontein
bereikt het paartje de kruinen van ‘t plein
Door ’t zicht van historische gevels ontroerd
en dampend in de hitte van de koperen ploert
nestelen ze zich teder, vleugel aan vleugel
en schikken mekaars dons onder kirrend gekeuvel
Zo dartelend, speels, liefkozenderwijs,
omstegen door de geur van kruidige bouillabaise,
ontgaat hen daar beneden, in lommerende heugnis
het knuffelgesprek van Lotje en Aramis ...
Aramis